De heilige Cosman en Damianus

agnes

26 september is de feestdag van de heilige Cosmas en Damianus. Van hun jeugd en geboorteplaats weten we niets met zekerheid. Waarschijnlijk kwamen ze uit Syrië. Wel weten we dat de tweelingbroers arts waren. Hun bijnaam was "zij die geen zilver aannemen", omdat ze aan de armen gratis medische hulp verleenden.
Toch maakt Damianus een keer een uitzondering op deze regel. Hij neemt een paar eieren aan van een arme vrouw die hij genezen heeft. Cosmas is daarover zo boos, dat hij uitroept dat hij weigert om later met Damianus in hetzelfde graf begraven te worden. Volgens deze legende zou Damianus als eerste gestorven zijn. Op zijn begrafenis begint opeens een kameel te spreken die Cosmas laat weten dat hij zich wel degelijk in hetzelfde graf als zijn broer moet laten begraven.

Dit is slechts één van de vele, schitterende, legendes rondom deze twee mannen. Legendarische mannen, in iedere betekenis van het woord. Daardoor, wellicht, werden de verhalen rondom hun persoon steeds sensationeler. Zo zijn er allerlei veelvertelde legendes over hun dood. Ze zouden het slachtoffer zijn geworden van een van de grootscheepse christenvervolgingen die in de derde eeuw plaats vonden in het Romeinse Rijk. Samen met vele andere christenen worden ze opgepakt. Omdat ze weigeren de Romeinse goden te vereren, worden ze in zee gegooid vastgeklonken aan een zware ketting. Maar een engel komt ze redden. Ze worden op de brandstapel gezet, maar ze verbranden niet. Ze worden op de pijnbank gelegd, maar de beulsknechten worden zo moe dat zij niet verder kunnen gaan. Ze worden gekruisigd, gestenigd, beschoten met pijlen, maar niets helpt. Tenslotte worden ze onthoofd.
Ook na hun dood, blijven ze voortleven in allerlei legendes. Rondom hun opgebaarde lichaam vinden nog genezingen plaats en eeuwen na hun dood blijven er verhalen de kop opsteken over wonderbaarlijke genezingen. Eén legende, met name, komt in alle bronnen terug: Na hun dood wordt er o.a. in Rome een kerk gesticht met hun naam. De koster van deze kerk krijgt op een slechte dag een kwaadaardige aandoening aan zijn onderbeen. Cosmas en Damianus amputeren het slechte been tijdens zijn slaap en vervangen het door een gezond been van een Moor. Vanaf dat moment stapt de koster door het leven met een zwart en een blank been.
Kortom, legendarische mannen van wie we niet veel weten en die toch over de hele wereld vereerd worden, met name in de Oosters-orthodoxe kerk. Maar ze zijn ook de schutspatroon van een groot aantal steden waaronder Florence en Praag. Verder zijn ze de patroonheilige van dokters en apothekers en worden ze door de eeuwen heen aangeroepen tegen allerlei kwalen: van bedplassen tot zweren en haaruitval.
Mannen die hun eeuwige roem hebben verdiend op grond van hun simpele en letterlijk oerchristelijke levenshouding. Zoals de heilige Petrus het zegt in het derde hoofdstuk van het boek Handelingen: "Ik heb geen goud en geen zilver, maar wat ik heb geef ik u in naam van Jezus Christus". Je gaven delen met anderen in naam van Jezus Christus. Dat is wat Cosmas en Damianus hebben gedaan. Ze genazen mensen, iedereen en zonder aanziens des persoons. Niet om er zelf beter van te worden, niet voor geld of roem, maar heel gewoon en in naam van Jezus Christus.
Zo word je heilig. Niet door krachtpatserij, niet door TV-optredens, niet door je uit te sloven voor geld en goed, voor roem of aandacht. Maar door je Godgegeven talenten te delen met anderen. Heilig word je niet door te pronken met je gaven, maar door ze te gebruiken. Zonder poeha, in naam van Jezus van Nazareth. Wie van ons kan werkelijk zeggen: "Ik doe wat ik doe in naam van Jezus Christus"? Cosmas en Damianus, twee mannen waar we nauwelijks iets van weten, hebben dat nou juist gedaan. Als je dat kunt, leven en werken in naam van Jezus Christus, werken aan een wereld zoals God die bedoeld heeft, dan komt je kracht direct van God. En ja, dan kun je soms zomaar een wonder doen.